|
De
Oosterscheldekering is een stormvloedkering. Dat wil zeggen, dat
de schuiven meestal open zijn. Het zeewater kan met eb en vloed
gewoon in en uit de Oosterschelde stromen. Alleen bij zware
storm wordt de kering gesloten. Zo worden de Zeeuwse eilanden,
die aan de Oosterschelde liggen beschermd tegen stormvloeden.
Bij de bouw van de Oosterscheldekering dacht men, dat de kering
één of twee keer per jaar gesloten zou moeten worden. In
werkelijkheid gebeurt dat veel minder vaak. Ongeveer eens in de
5 jaar.
 |
De
schuiven van de Oosterscheldekering worden bediend vauit
het Topshuis, dat naast de kering op het werkeiland
Neeltje Jans staat.
Als er een stormwaarschuwing is, worden de schuiven met
een druk op de knop gesloten.
De hydraulische pompen in de verkeerskokers beginnen
olie te pompen, waardoor de cilinders langzaam zakken.
Omdat de schuiven aan de cilinders vastzitten, zakken
zij ook.
De grootste schuif doet er 82 minuten over om te
sluiten.
Als de storm is gaan
liggen, worden de schuiven op dezelfde manier weer
geopend.
|
| De
kering in de Oosterschelde is er gekomen, omdat
verschillende groepen mensen streden voor het milieu in
de zeearm. Door de kering blijft er zout water de
Oosterschelde instromen en zijn eb en vloed gebleven.
Toch blijkt de laatste
jaren steeds meer, dat de Oosterschelde toch schade
heeft opgelopen door de kering. Verschillende stromingen
zijn van richting veranderd. Daardoor verdwijnen
zandplaten en hebben watervogels minder voedsel. Een
probleem waar nog geen oplossing voor is gevonden. |
 |

|