|
Ook voor de bouw van
de Veerse Gatdam wilde men caissons gebruiken. Maar door de
stroming was het onmogelijk om gewone caissons te gebruiken.
Daarom werden speciale doorlaatcaissons gebruikt.
Doorlaatcaissons zijn grote betonnen bakken. Van binnen zijn ze
hol. In de wanden zitten grote gaten met schuiven ervoor. Als
de schuiven open staan, kan het water er gewoon doorheen
stromen.
|

www.fotoselect.nl
|
Op
de bodem van het Veerse Gat werd een drempel van grote
en kleine stenen gemaakt. Zo
vulden de kleine stenen de gaten van de grotere op. Dat
is extra stevig.
Tegelijkertijd werden in
een werkhaven, vlakbij het Veerse Gat de
doorlaatcaissons gebouwd.
Toen ze allemaal klaar waren, werden ze met sleepboten
naar het Veerse Gat gesleept.
Dat kon alleen tussen eb en vloed, omdat er dan weinig
stroming is. |
De
schuiven van de doorlaatcaissons werden open gezet en eb
en vloed konden nog één keer, door de caissons, het
Veerse Gat in- en uitstromen. Gewone caissons zouden
door de stroming gewoon opzij geduwd zijn.
Bij doodtij werden alle schuiven dicht gedaan en
werden de caissons snel volgespoten met zand. Zo zakten
ze op de drempel. Door het zand in de caissons waren ze
nu zo zwaar geworden, dat de stroming ze niet meer van
hun plaats kon krijgen.
Het Veerse Gat was afgesloten.
|

www.fotoselect.nl
|
 |
Daarna werd er zand over de caissons gespoten en daar overheen werd
asfalt gestort.
Over de dam werd een verkeersweg aangelegd en in 1961
werd de dam officieel geopend. |

|